Ondernemer in beeld

Hennie van der Most

Ondernemer / oprichter Speelstad Rotterdam

Slagharen

Hennie van der Most
“"Er wordt te veel opgeleid tot prater."”

Hennie van der Most gaf afgedankte gebouwen een nieuw leven

Van kernreactor tot all-inclusive hotel: de aanpak van Hennie van der Most

Een boerenzoon uit Slagharen die begon met oud ijzer en een schuur. Vier decennia later had hij een kernenergiecentrale omgebouwd tot een pretpark, een ziekenhuis omgetoverd tot een hotel dat er nog altijd staat, en een naam opgebouwd als een van de meest eigenzinnige ondernemers in de Nederlandse recreatiebranche.

 

In 1995 kocht Hennie van der Most een kernreactor. Niet om er energie mee op te wekken: de reactor bij Kalkar in Duitsland was nooit in gebruik genomen. Van der Most zag er iets anders in. Hij bouwde er een pretpark van.

Wunderland Kalkar trok jarenlang bezoekers. In 2022 verkocht hij het park als werkend bedrijf. Een voormalige kerncentrale, omgebouwd tot familieattractie en daarna verkocht: het is het soort verhaal dat de essentie van zijn aanpak goed samenvat.

Van der Most bouwde een carrière op de bereidheid om te kopen wat niemand wilde. Verlaten fabrieken, leegstaande ziekenhuizen, afgedankte industriegebouwen. Telkens zag hij een mogelijkheid waar anderen een probleem zagen. Een aanpak die hem ver bracht.

Veevoeders, oud ijzer en een schuur vol plannen

Hennie van der Most werd geboren op 23 maart 1950 in Slagharen, als boerenzoon. Na drie jaar LTS werkte hij verschillende baantjes. In 1974 startte hij vanuit zijn ouderlijk erf een handel in oud ijzer. Klein, praktisch, met de handen aan het werk.

De handel groeide. Hij laste ijzer aan elkaar, maakte hekken en aanhangwagentjes, en bouwde zijn handelsbedrijf uiteindelijk uit tot een constructiebedrijf. Zijn materialen, zijn eigen mensen, zijn eigen tempo.

Zijn eerste stap richting recreatie was kenmerkend voor zijn stijl: een privézwembad en sauna in zijn eigen schuur, open voor buurtbewoners tegen betaling. De gemeente Hardenberg greep in. Een schuur die publiek ontving, was niet toegestaan.

Van der Most zocht een andere locatie. In 1980 kocht hij een leegstaande bontweverij in Slagharen.

De formule die werkte

De bontweverij werd omgebouwd tot zwem- en saunacentrum De Bonte Wever. Het centrum brandde in 2001 af, maar had jarenlang goed gedraaid.

In 1985 kocht hij een voormalige aardappelmeelfabriek in het Drentse Oranje. Van der Most maakte er Speelstad Oranje van: een overdekte speelwereld die tientallen jaren bezoekers trok. Het park sloot in 2015.

Zijn bekendste binnenlandse project volgde in 1987. Van der Most kocht het leegstaande Prinses Ireneziekenhuis in Almelo van de gemeente. Een ziekenhuis kopen en er een hotel van maken: de meeste mensen zouden er niet eens aan beginnen. Van der Most bouwde het om tot Preston Palace, een all-inclusive hotel- en entertainmentcomplex. Het entertainmentcentrum opende in mei 1990, het hotel in 1992. In 2011 verkocht hij het complex aan drie managers. Preston Palace is er nog altijd en draait nog altijd.

Hoe het all-inclusiveconcept werkte

Preston Palace maakte Van der Most in Nederland bekend. Het all-inclusiveconcept was aan het einde van de jaren tachtig relatief nieuw in de Nederlandse hospitalitysector. Gasten betaalden één vaste prijs: maaltijden, entertainment en verblijf in één pakket, zonder verrassingen achteraf.

Het model werkte goed op locaties die hij goedkoop had verworven. Lage vaste lasten maakten het financieel levensvatbaar. Zijn aankoopprijs lag telkens ver onder de marktwaarde van vergelijkbare locaties in betere staat. Daarin zat het fundament van zijn aanpak.

De kerncentrale in Duitsland

Zijn meest opvallende project was Wunderland Kalkar. In 1995 kocht Van der Most de nooit in gebruik genomen kernreactor bij Kalkar. Van de koeltorens en gebouwen van de Schneller Brüter maakte hij een attractiepark dat tientallen jaren bezoekers uit heel Europa trok.

Niemand had eerder een kerncentrale omgebouwd tot een familiebestemming. In 2022 verkocht Van der Most Wunderland Kalkar als werkend bedrijf.

Zijn methode bleef in al zijn projecten gelijk. Hij kocht panden die anderen als een probleem zagen, verbouwde ze zelf en gebruikte materialen uit zijn eigen constructiebedrijf. De ondernemersstijl die hij had opgebouwd vanuit zijn handel in oud ijzer, paste hij decennialang toe op steeds grotere projecten.

Rotterdam: het project dat niet afkwam

In 2012 nam Van der Most een terrein aan de Maashaven in Rotterdam in erfpacht. Op het terrein stond de voormalige Afvalverbranding Rijnmond. Zijn plan was een overdekte attractie op een unieke Rotterdamse havenlocatie, met restaurants, een theater, evenementenruimtes en hotelaccommodatie. Aanvankelijk heette het project Speelstad Rotterdam, later omgedoopt tot Rivoli Rotterdam.

Van der Most investeerde naar eigen zeggen 62 miljoen euro uit eigen vermogen in het project. Andere berichten noemden 50 miljoen euro. Beide bedragen zijn niet onafhankelijk bevestigd via gepubliceerde jaarrekeningen of andere officiële bronnen.

Het park opende nooit.

Brand in 2013, asbest, vergunningsprocedures en aanvullende eisen van de gemeente: de tegenvallers stapelden zich op. Een haalbaarheidsonderzoek van de gemeente concludeerde dat de verwachte bezoekersaantallen te optimistisch waren. De gemeente beëindigde de gesprekken over verlenging van de erfpacht. Van der Most beschuldigde de gemeente van tegenwerking. Voor een volledig beeld van de afspraken en verantwoordelijkheden zijn gemeentelijke documenten nodig die publiek niet volledig beschikbaar zijn.

Op 21 april 2026 werd Rivoli geveild voor 6,5 miljoen euro. Op 13 mei 2026 verklaarde de rechtbank Rotterdam meerdere van zijn bedrijven failliet.

Regisseur Max Ploeg volgde Van der Most in de documentaire Pretpark Hennie, geproduceerd voor BNNVARA, en beleefde zijn wereldpremière op het International Film Festival Rotterdam 2026. De film is te bekijken via NPO Start. Trouw omschreef hem als "de Griekse mythe van Icarus". De Volkskrant noemde Van der Most "nu al iconisch".

Wat hij achterliet

Een handel in oud ijzer, een schuur met een zwembad, een bontweverij, een aardappelmeelfabriek, een ziekenhuis, een kernreactor: Van der Most zag in elk van die gebouwen iets wat anderen niet zagen. Preston Palace staat er nog. Wunderland Kalkar werd verkocht als werkend bedrijf. Vier decennia lang deed hij wat anderen niet aandurfden.

"Ik blijf doorvechten", zei hij na het faillissement.

Op 76-jarige leeftijd klinken die woorden niet als een afsluiting.



 

Andere ondernemers in beeld