Treasurystatuut 2014 (Gemeente Koggenland)
Verordeningen en reglementen gepubliceerd door de Gemeente Koggenland op 18 april 2014
Algemene gegevens:
| Onderwerp: | Treasurystatuut 2014 (Gemeente Koggenland) |
| Instantie: | Gemeente Koggenland |
| Regio: | Regio West-Friesland |
| Uitgegeven: | 18 april 2014 |
| Code: | gmb-2014-21997 |
Juridische gegevens
| Type: | Verordeningen en reglementen |
Inhoud Verordeningen en reglementen:
Bron: GEMEENTEBLAD | Officiële uitgave van gemeente Koggenland.
Treasurystatuut 2014
1Treasurystatuut5TreasurystatuutDe raad van de gemeente Koggenland;
gelet op het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Koggenland van 11 februari 2014;
gelet op het bepaalde in artikel 212 van de Gemeentewet en het bepaalde in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido);
b e s l u i t :
het navolgende treasurystatuut vast te stellen.
BegrippenkaderArtikel 1
In dit statuut wordt verstaan onder:
Artikel 2
De treasuryfunctie van de gemeente dient tot:
Artikel 3
Met betrekking tot het risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten:
Renterisicobeheer
Artikel 4
Koersrisicobeheer
Artikel 5
Doordat het uitzetten van financiële middelen alleen nog mogelijk is in de schatkist van het rijk komen geen koersrisico’s meer voor.
Kredietrisicobeheer
Artikel 6
Intern liquiditeitsrisicobeheer
Artikel 7
De gemeente beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasury-activiteiten te baseren op een actuele liquiditeitsplanning.
Valutarisicobeheer
Artikel 8
Valutarisico’s worden in de gemeente uitgesloten door uitsluitend leningen te verstrekken, aan te gaan of te garanderen in euro’s.
Financiering
Artikel 9
Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten:
Langlopende uitzettingen
Artikel 10
Door de invoering van het schatkistbankieren is de gemeente verplicht overtollige middelen te storten in de schatkist van het rijk
Relatiebeheer
Artikel 11
Voor het afnemen van financiële diensten realiseert de gemeente gunstige dan wel marktconforme condities. Daarvoor gelden de volgende uitgangspunten:
Artikel 12
Om de kosten van het geldstromenbeheer zo laag mogelijk te houden, wordt:
Saldo- en liquiditeitenbeheer
Artikel 13
Voor het saldo- en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende, specifieke richtlijnen:
Artikel 14
In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het
gebied van administratieve organisatie en interne controle:
Verantwoordelijk- en bevoegdheden
Artikel 15
De verantwoordelijkheden met betrekking tot de treasuryfunctie van de gemeente staan in de onderstaande tabel weergegeven.
Functionaris
Bevoegdheden
College van burgemeester en wethouders
1.
uitvoering van treasurybeleid (formele verant-
woordelijkheid)
2.
achteraf bekrachtigen van afgesloten transacties
met uitzondering van kasgeldleningen
3.
rapportage aan de gemeenteraad over de uitvoe-
ring van het treasurybeleid in de documenten van
de planning- en control cyclus
Wethouder financiën
Uitvoering van de politieke verantwoordelijkheid
van het treasurybeleid
Afdelingshoofd financiën
1.
afsluiting van overeenkomsten voor het aantrekken
van gelden met een maximum tot € 2,5 miljoen
2.
autorisatie van diverse transacties, voortvloeiende
uit het treasurystatuut
3.
zorgdragen voor de juiste verantwoording van de
uitvoering van de treasuryactiviteiten
4.
periodiek afleggen van verantwoording aan het
college van burgemeester en wethouders door
middel van de diverse documenten van de
planning- en controlcyclus
Beleidsmedewerker financiën
uitvoering van activiteiten met betrekking tot de
deelfuncties risicobeheer, gemeentefinanciering en
kasgeldbeheer.
Het gaat met name over de volgende activiteiten:
a.
autorisatie van diverse transacties die voortvloeien
uit het treasurystatuut
b.
opstelling van de rentevisie
c.
afsluiten van financiële contracten voorkomende
uit de bovenstaande deelfuncties
d.
voorbereiding van beleidsvoorstellen over de
treasuryfunctie
e.
afleggen van verantwoording aan het afdelings-
hoofd financiën over de uitvoering van de aan
hem/haar opgedragen activiteiten
f.
bewaking van de kwaliteit van de processen
Medewerker financieel beheer
1.
aantrekken en uitzetten van liquide middelen in het
kader van het saldo- en liquiditeitenbeheer
2.
het beheer van de geldstromen
3.
onderhoud van contacten met banken, geldmake-
laars en overige financiële instellingen
4.
tijdige aanlevering van volledige en betrouwbare
gegevens aan de gemeentelijke administratie
5.
overboeken van saldo tussen bankrekeningen
Financieel consulenten
1.
bevorderen dat budgethouders en -beheerders,
waarvan hij/zij financieel adviseurs zijn, tijdig de
gegevens van goede kwaliteit aanleveren bij de
beleidsmedewerker financiën met betrekking tot
(toekomstige) substantiële uitgaven, ontvangsten
en de grote(re) mutaties daarin
2.
advisering aan afdelingen over de financiële
gevolgen van activiteiten en projecten
Budgethouders en -beheerders
zorgdragen voor de tijdige aanlevering van
betrouwbare operationele informatie over de
(toekomstige) geldstromen aan de afdeling
financiën
InformatievoorzieningArtikel 17
De informatievoorziening dient tijdig opgeleverd te worden voor de ondersteuning van de uitvoering van de treasuryactiviteiten en voor de optimalisering van de daarbij behorende transparantheid.
Voor de treasuryactiviteiten dient minimaal de in de onderstaande tabel opgenomen informatie te worden verstrekt door de genoemde functionarissen.
Informatie
frequentie
verstrekker
ontvanger
Gegevens over toekomstige uitgaven
maandelijks
afdelingshoofden en
beleidsmedewerk(st)er
en ontvangsten voor de liquiditeits-
budgetbeheerders
financiën
planning
rapportage over de debiteurenportefeuille
kwartaal
afdelingshoofd
wethouder financiën
financiën
beleidsplannen treasury in de financierings-
jaarlijks
college van burgemeester
gemeenteraad
paragraaf in de programmabegroting,
en wethouders
inclusief de rapportage over de liquiditeits-
positie
informatie aan derden (provincie en CBS)
kwartaal
beleidsmedewerk(st)er
derden
zoals bepaald in artikel 8 van de Wet Fido
financiën
en de uitvoeringsregeling centrale
overheden
InwerkingtredingArtikel 18
De raad van de gemeente Koggenland,
10 maart 2014
de griffier,
drs. P.M. Tromp
de voorzitter,
R.Posthumus
Toelichting treasurystatuutAlgemeenIn dit treasurystatuut wordt het treasurybeleid van de gemeente op hoofdlijnen vastgesteld. Dit gebeurt door de doelstellingen aan te geven van de treasuryfunctie en binnen welke richtlijnen en grenzen deze doelstellingen moeten worden gerealiseerd.
Een belangrijk deel van de richtlijnen en limieten is bepaald door de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). De richtlijnen en limieten bepalen het risicoprofiel van de gemeente en waarbinnen de activiteiten moeten worden uitgevoerd.
De financieringsparagraaf in de begroting geeft de beleidsplannen voor de treasuryfunctie voor het komende jaar. Verder bevat deze paragraaf gegevens over de algemene ontwikkelingen en beleidsplannen binnen de kaders van het statuut. Het gaat daarbij vooral om het risicobeheer, de gemeentefinanciering (financieringspositie, leningen- en uitzettingsportefeuille) en het kasbeheer. De financieringsparagraaf in de programmarekening gaat over de realisatie.
In dit treasurystatuut wordt het treasurybeleid van de gemeente op hoofdlijnen vastgesteld. Dit gebeurt door de doelstellingen aan te geven van de treasuryfunctie en binnen welke richtlijnen en grenzen deze doelstellingen moeten worden gerealiseerd.
Een belangrijk deel van de richtlijnen en limieten is bepaald door de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). De richtlijnen en limieten bepalen het risicoprofiel van de gemeente en waarbinnen de activiteiten moeten worden uitgevoerd.
De financieringsparagraaf in de begroting geeft de beleidsplannen voor de treasuryfunctie voor het komende jaar. Verder bevat deze paragraaf gegevens over de algemene ontwikkelingen en beleidsplannen binnen de kaders van het statuut. Het gaat daarbij vooral om het risicobeheer, de gemeentefinanciering (financieringspositie, leningen- en uitzettingsportefeuille) en het kasbeheer. De financieringsparagraaf in de programmarekening gaat over de realisatie.
Doelstellingen treasuryDe gemeente moet “duurzaam toegang hebben tot de financiële markten tegen acceptabele condities, voorwaarden en bedingen”. De treasury moet er mede voor zorgen dat de gemeente voor haar activiteiten de benodigde middelen kan aantrekken. De overtollige middelen kunnen we niet meer uitzetten op de financiële markten op grond van de inwerkingtreding van de Wet Hof (Houdbare overheidsfinanciën).
Het is een taak van de treasury om financiële risico’s te voorkomen, dan wel tegen acceptabele condities te beperken. Verder zorgt de treasury om de kosten van het beheer van de geldstromen en de financiële posities zo klein mogelijk te maken en te houden. Hiertoe rekenen we de rentekosten, provisies en de kosten van het betalingsverkeer. Het beheer moet zo efficiënt mogelijk worden gedaan.
De gemeente moet “duurzaam toegang hebben tot de financiële markten tegen acceptabele condities, voorwaarden en bedingen”. De treasury moet er mede voor zorgen dat de gemeente voor haar activiteiten de benodigde middelen kan aantrekken. De overtollige middelen kunnen we niet meer uitzetten op de financiële markten op grond van de inwerkingtreding van de Wet Hof (Houdbare overheidsfinanciën).
Het is een taak van de treasury om financiële risico’s te voorkomen, dan wel tegen acceptabele condities te beperken. Verder zorgt de treasury om de kosten van het beheer van de geldstromen en de financiële posities zo klein mogelijk te maken en te houden. Hiertoe rekenen we de rentekosten, provisies en de kosten van het betalingsverkeer. Het beheer moet zo efficiënt mogelijk worden gedaan.
SchatkistbankerenIn december 2013 voerde de rijksoverheid het schatkistbankieren in. Eventuele tegoeden op onze bankrekening worden dagelijks afgestort naar het rijk. Daarmee bereikt de rijksoverheid dat de gezamenlijke schuld van rijk, gemeenten en provincies lager wordt en om daarmee te voldoen aan de Europese regelgeving. Dit betekent echter wel dat de gemeente geen financieel voordeel meer behaald bij het uitzetten van overtollige liquiditeiten.
In december 2013 voerde de rijksoverheid het schatkistbankieren in. Eventuele tegoeden op onze bankrekening worden dagelijks afgestort naar het rijk. Daarmee bereikt de rijksoverheid dat de gezamenlijke schuld van rijk, gemeenten en provincies lager wordt en om daarmee te voldoen aan de Europese regelgeving. Dit betekent echter wel dat de gemeente geen financieel voordeel meer behaald bij het uitzetten van overtollige liquiditeiten.
RisicobeheerOver de treasury geeft de Wet Fido twee belangrijke beleidsmatige uitgangspunten, waartussen specifiek onderscheid wordt gemaakt:
Er zijn geen eisen gesteld aan de verstrekking van leningen en garanties “uit hoofde van de publieke taak”. Het gemeentebestuur bepaalt dus zelf wat er onder “publieke taak” wordt verstaan.
De opgenomen limieten en richtlijnen in het treasurystatuut garanderen het voorzichtige en verstandige karakter. Zij hebben geen betrekking op het verstrekken van leningen of garanties uit hoofde van de publieke taak.
Artikel 160, lid 2, van de Gemeentewet schept de mogelijkheid besluiten te nemen over de oprichting en de deelneming in maatschappijen, vennootschappen, verenigingen, stichtingen en onderlinge waarborgmaatschappijen. Dit mag alleen als het openbaar belang daarmee is gediend. Het college is bevoegd, maar moet wel de raad de gelegenheid geven vooraf zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken. Op een dergelijk besluit is de goedkeuring vereist van Gedeputeerde Staten.
Over de treasury geeft de Wet Fido twee belangrijke beleidsmatige uitgangspunten, waartussen specifiek onderscheid wordt gemaakt:
Er zijn geen eisen gesteld aan de verstrekking van leningen en garanties “uit hoofde van de publieke taak”. Het gemeentebestuur bepaalt dus zelf wat er onder “publieke taak” wordt verstaan.
De opgenomen limieten en richtlijnen in het treasurystatuut garanderen het voorzichtige en verstandige karakter. Zij hebben geen betrekking op het verstrekken van leningen of garanties uit hoofde van de publieke taak.
Artikel 160, lid 2, van de Gemeentewet schept de mogelijkheid besluiten te nemen over de oprichting en de deelneming in maatschappijen, vennootschappen, verenigingen, stichtingen en onderlinge waarborgmaatschappijen. Dit mag alleen als het openbaar belang daarmee is gediend. Het college is bevoegd, maar moet wel de raad de gelegenheid geven vooraf zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken. Op een dergelijk besluit is de goedkeuring vereist van Gedeputeerde Staten.
RenterisicobeheerEén van de uitgangspunten van de Wet Fido is het vermijden van grote veranderingen in de rentelasten. Het renterisicobeheer moet de invloed van rentewijzigingen op de financiële resultaten van de gemeente beperken. Juist voor de korte financiering kan het renterisico aanzienlijk zijn. Daarom is in de Wet Fido een grens opgenomen voor deze korte financiering. De kasgeldlimiet is bepaald op een percentage (thans 8,5%) van de primaire begroting.
De renterisiconorm is ingesteld voor de beheersing van de renterisico’s op de vaste schuld, dus met een looptijd van één jaar of langer. Deze beheersing ligt opgesloten in de spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille. Deze norm kan worden berekend naar het vastgestelde percentage (nu 20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld per 1 januari van enig jaar.
De rentevisie is een beschrijving van de verwachte ontwikkeling van de rente in de toekomst. Daar kan het financierings- en beleggingsbeleid dan op worden afgestemd.
Spreiding van de rentetypische looptijd, dus de periode dat de rente vast staat, heeft tot gevolg dat de gevolgen van rentewijzigingen wordt gespreid over meerdere jaren.
Eén van de uitgangspunten van de Wet Fido is het vermijden van grote veranderingen in de rentelasten. Het renterisicobeheer moet de invloed van rentewijzigingen op de financiële resultaten van de gemeente beperken. Juist voor de korte financiering kan het renterisico aanzienlijk zijn. Daarom is in de Wet Fido een grens opgenomen voor deze korte financiering. De kasgeldlimiet is bepaald op een percentage (thans 8,5%) van de primaire begroting.
De renterisiconorm is ingesteld voor de beheersing van de renterisico’s op de vaste schuld, dus met een looptijd van één jaar of langer. Deze beheersing ligt opgesloten in de spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille. Deze norm kan worden berekend naar het vastgestelde percentage (nu 20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld per 1 januari van enig jaar.
De rentevisie is een beschrijving van de verwachte ontwikkeling van de rente in de toekomst. Daar kan het financierings- en beleggingsbeleid dan op worden afgestemd.
Spreiding van de rentetypische looptijd, dus de periode dat de rente vast staat, heeft tot gevolg dat de gevolgen van rentewijzigingen wordt gespreid over meerdere jaren.
Koersrisico-, kredietrisico- en liquiditeitenrisicobeheerDoor de intreding van de Wet Hof kunnen gemeente overtollige liquiditeiten niet meer op de markt uitzetten. Dit betekent ook dat we geen risico’s meer kunnen lopen door koerswijzigingen op de lopende uitzettingen.
Door de intreding van de Wet Hof kunnen gemeente overtollige liquiditeiten niet meer op de markt uitzetten. Dit betekent ook dat we geen risico’s meer kunnen lopen door koerswijzigingen op de lopende uitzettingen.
ValutarisicobeheerDit artikel hoeft eigenlijk geen nadere toelichting. Als verschillende valuta’s worden gebruikt, kan het zijn dat door de veranderende wisselkoersen verlies wordt geleden. Om dit te voorkomen is opgenomen dat het alleen toegestaan is om leningen te verstrekken, aan te gaan of te garanderen in Euro’s.
Dit artikel hoeft eigenlijk geen nadere toelichting. Als verschillende valuta’s worden gebruikt, kan het zijn dat door de veranderende wisselkoersen verlies wordt geleden. Om dit te voorkomen is opgenomen dat het alleen toegestaan is om leningen te verstrekken, aan te gaan of te garanderen in Euro’s.
FinancieringHet is op grond van de Wet Fido niet toegestaan om middelen aan te trekken en deze vervolgens
te beleggen.
Om een zo goed mogelijk resultaat op de rente te behalen, financieren we zoveel mogelijk intern. Dan hoeven we immers geen rente aan een derde te betalen. Worden de voorwaarden van een lening in overleg tussen de beide partijen vastgesteld dan spreken we van een onderhandse lening..
Om de marktconformiteit te garanderen, vragen we meerdere offertes op. Hierdoor krijgen een objectief beeld van de op dat moment gebruikelijke tarieven en voorwaarden en kunnen we een goed afgewogen keuze maken.
Het is op grond van de Wet Fido niet toegestaan om middelen aan te trekken en deze vervolgens
te beleggen.
Om een zo goed mogelijk resultaat op de rente te behalen, financieren we zoveel mogelijk intern. Dan hoeven we immers geen rente aan een derde te betalen. Worden de voorwaarden van een lening in overleg tussen de beide partijen vastgesteld dan spreken we van een onderhandse lening..
Om de marktconformiteit te garanderen, vragen we meerdere offertes op. Hierdoor krijgen een objectief beeld van de op dat moment gebruikelijke tarieven en voorwaarden en kunnen we een goed afgewogen keuze maken.
Langlopende uitzettingenDoor de intreding van de Wet Hof kunnen gemeente overtollige liquiditeiten niet meer op de markt uitzetten. Dit betekent ook dat we geen risico’s meer kunnen lopen.
Door de intreding van de Wet Hof kunnen gemeente overtollige liquiditeiten niet meer op de markt uitzetten. Dit betekent ook dat we geen risico’s meer kunnen lopen.
GeldstromenbeheerGeldstromen moeten efficiënt beheerd worden. Dit kan door de stromen op elkaar af te stemmen. Hierdoor kan worden voorkomen dat we tijdelijke financiering moeten aantrekken of een uitzetting vroegtijdig moeten verbreken.
Er worden door de gemeente meerdere rekeningnummers aangehouden. Voor de regulatie van de saldi van deze rekeningen is het meest praktisch om deze rekeningen bij één bank aan te houden. Daarmee worden ook kosten van het overboeken naar verschillende banken vermeden.
Geldstromen moeten efficiënt beheerd worden. Dit kan door de stromen op elkaar af te stemmen. Hierdoor kan worden voorkomen dat we tijdelijke financiering moeten aantrekken of een uitzetting vroegtijdig moeten verbreken.
Er worden door de gemeente meerdere rekeningnummers aangehouden. Voor de regulatie van de saldi van deze rekeningen is het meest praktisch om deze rekeningen bij één bank aan te houden. Daarmee worden ook kosten van het overboeken naar verschillende banken vermeden.
Saldo- en liquiditeitenbeheerDit betreft het dagelijks bijhouden van de saldi van de diverse bankrekeningen. Voor de berekening van de rente worden de saldo’s van de rekeningen bij elkaar opgeteld. Dit beperkt de noodzaak tot overboekingen.
Dit betreft het dagelijks bijhouden van de saldi van de diverse bankrekeningen. Voor de berekening van de rente worden de saldo’s van de rekeningen bij elkaar opgeteld. Dit beperkt de noodzaak tot overboekingen.
Administratieve organisatie en interne beheersingBij de treasury zijn meerdere personen en organen betrokken. Het statuut legt het delegatie- en mandateringspatroon vast en/of stelt welke personen en organen welke bevoegdheden hebben. Er zijn specifieke uitgangspunten opgenomen, gelet op de omvang en de aard van de transacties en de daarmee samenhangende risico’s. Ook krijgen we daardoor een eenduidige functiescheiding tussen beleidsbepaling en de uitvoering.
Verantwoordelijkheden & bevoegdheden
In deze artikelen zijn de verantwoordelijkheden en de bevoegdheden beschreven. De eindverantwoordelijkheid ligt bij het bestuur van de gemeente. Een deel van deze bevoegdheden zijn uit praktische overwegingen neergelegd bij het ambtelijk apparaat. Daardoor kan ook slagvaardiger opgetreden worden. Bij de toekenning van de bevoegdheden is uitdrukkelijk gekeken naar functiescheiding tussen besluitvorming, uitvoering, administratie en controle.
Bij de treasury zijn meerdere personen en organen betrokken. Het statuut legt het delegatie- en mandateringspatroon vast en/of stelt welke personen en organen welke bevoegdheden hebben. Er zijn specifieke uitgangspunten opgenomen, gelet op de omvang en de aard van de transacties en de daarmee samenhangende risico’s. Ook krijgen we daardoor een eenduidige functiescheiding tussen beleidsbepaling en de uitvoering.
Verantwoordelijkheden & bevoegdheden
In deze artikelen zijn de verantwoordelijkheden en de bevoegdheden beschreven. De eindverantwoordelijkheid ligt bij het bestuur van de gemeente. Een deel van deze bevoegdheden zijn uit praktische overwegingen neergelegd bij het ambtelijk apparaat. Daardoor kan ook slagvaardiger opgetreden worden. Bij de toekenning van de bevoegdheden is uitdrukkelijk gekeken naar functiescheiding tussen besluitvorming, uitvoering, administratie en controle.
InwerkingtredingDit statuut treedt in werking met ingang van 1 juli 2015. Daarmee vervalt het in de vergadering van 26 april 2011 vastgestelde statuut.
Dit statuut treedt in werking met ingang van 1 juli 2015. Daarmee vervalt het in de vergadering van 26 april 2011 vastgestelde statuut.
AlgemeenIn dit treasurystatuut wordt het treasurybeleid van de gemeente op hoofdlijnen vastgesteld. Dit gebeurt door de doelstellingen aan te geven van de treasuryfunctie en binnen welke richtlijnen en grenzen deze doelstellingen moeten worden gerealiseerd.
Een belangrijk deel van de richtlijnen en limieten is bepaald door de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). De richtlijnen en limieten bepalen het risicoprofiel van de gemeente en waarbinnen de activiteiten moeten worden uitgevoerd.
De financieringsparagraaf in de begroting geeft de beleidsplannen voor de treasuryfunctie voor het komende jaar. Verder bevat deze paragraaf gegevens over de algemene ontwikkelingen en beleidsplannen binnen de kaders van het statuut. Het gaat daarbij vooral om het risicobeheer, de gemeentefinanciering (financieringspositie, leningen- en uitzettingsportefeuille) en het kasbeheer. De financieringsparagraaf in de programmarekening gaat over de realisatie.
Doelstellingen treasuryDe gemeente moet “duurzaam toegang hebben tot de financiële markten tegen acceptabele condities, voorwaarden en bedingen”. De treasury moet er mede voor zorgen dat de gemeente voor haar activiteiten de benodigde middelen kan aantrekken. De overtollige middelen kunnen we niet meer uitzetten op de financiële markten op grond van de inwerkingtreding van de Wet Hof (Houdbare overheidsfinanciën).
Het is een taak van de treasury om financiële risico’s te voorkomen, dan wel tegen acceptabele condities te beperken. Verder zorgt de treasury om de kosten van het beheer van de geldstromen en de financiële posities zo klein mogelijk te maken en te houden. Hiertoe rekenen we de rentekosten, provisies en de kosten van het betalingsverkeer. Het beheer moet zo efficiënt mogelijk worden gedaan.
SchatkistbankerenIn december 2013 voerde de rijksoverheid het schatkistbankieren in. Eventuele tegoeden op onze bankrekening worden dagelijks afgestort naar het rijk. Daarmee bereikt de rijksoverheid dat de gezamenlijke schuld van rijk, gemeenten en provincies lager wordt en om daarmee te voldoen aan de Europese regelgeving. Dit betekent echter wel dat de gemeente geen financieel voordeel meer behaald bij het uitzetten van overtollige liquiditeiten.
RisicobeheerOver de treasury geeft de Wet Fido twee belangrijke beleidsmatige uitgangspunten, waartussen specifiek onderscheid wordt gemaakt:
Er zijn geen eisen gesteld aan de verstrekking van leningen en garanties “uit hoofde van de publieke taak”. Het gemeentebestuur bepaalt dus zelf wat er onder “publieke taak” wordt verstaan.
De opgenomen limieten en richtlijnen in het treasurystatuut garanderen het voorzichtige en verstandige karakter. Zij hebben geen betrekking op het verstrekken van leningen of garanties uit hoofde van de publieke taak.
Artikel 160, lid 2, van de Gemeentewet schept de mogelijkheid besluiten te nemen over de oprichting en de deelneming in maatschappijen, vennootschappen, verenigingen, stichtingen en onderlinge waarborgmaatschappijen. Dit mag alleen als het openbaar belang daarmee is gediend. Het college is bevoegd, maar moet wel de raad de gelegenheid geven vooraf zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken. Op een dergelijk besluit is de goedkeuring vereist van Gedeputeerde Staten.
RenterisicobeheerEén van de uitgangspunten van de Wet Fido is het vermijden van grote veranderingen in de rentelasten. Het renterisicobeheer moet de invloed van rentewijzigingen op de financiële resultaten van de gemeente beperken. Juist voor de korte financiering kan het renterisico aanzienlijk zijn. Daarom is in de Wet Fido een grens opgenomen voor deze korte financiering. De kasgeldlimiet is bepaald op een percentage (thans 8,5%) van de primaire begroting.
De renterisiconorm is ingesteld voor de beheersing van de renterisico’s op de vaste schuld, dus met een looptijd van één jaar of langer. Deze beheersing ligt opgesloten in de spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille. Deze norm kan worden berekend naar het vastgestelde percentage (nu 20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld per 1 januari van enig jaar.
De rentevisie is een beschrijving van de verwachte ontwikkeling van de rente in de toekomst. Daar kan het financierings- en beleggingsbeleid dan op worden afgestemd.
Spreiding van de rentetypische looptijd, dus de periode dat de rente vast staat, heeft tot gevolg dat de gevolgen van rentewijzigingen wordt gespreid over meerdere jaren.
Koersrisico-, kredietrisico- en liquiditeitenrisicobeheerDoor de intreding van de Wet Hof kunnen gemeente overtollige liquiditeiten niet meer op de markt uitzetten. Dit betekent ook dat we geen risico’s meer kunnen lopen door koerswijzigingen op de lopende uitzettingen.
ValutarisicobeheerDit artikel hoeft eigenlijk geen nadere toelichting. Als verschillende valuta’s worden gebruikt, kan het zijn dat door de veranderende wisselkoersen verlies wordt geleden. Om dit te voorkomen is opgenomen dat het alleen toegestaan is om leningen te verstrekken, aan te gaan of te garanderen in Euro’s.
FinancieringHet is op grond van de Wet Fido niet toegestaan om middelen aan te trekken en deze vervolgens
te beleggen.
Om een zo goed mogelijk resultaat op de rente te behalen, financieren we zoveel mogelijk intern. Dan hoeven we immers geen rente aan een derde te betalen. Worden de voorwaarden van een lening in overleg tussen de beide partijen vastgesteld dan spreken we van een onderhandse lening..
Om de marktconformiteit te garanderen, vragen we meerdere offertes op. Hierdoor krijgen een objectief beeld van de op dat moment gebruikelijke tarieven en voorwaarden en kunnen we een goed afgewogen keuze maken.
Langlopende uitzettingenDoor de intreding van de Wet Hof kunnen gemeente overtollige liquiditeiten niet meer op de markt uitzetten. Dit betekent ook dat we geen risico’s meer kunnen lopen.
GeldstromenbeheerGeldstromen moeten efficiënt beheerd worden. Dit kan door de stromen op elkaar af te stemmen. Hierdoor kan worden voorkomen dat we tijdelijke financiering moeten aantrekken of een uitzetting vroegtijdig moeten verbreken.
Er worden door de gemeente meerdere rekeningnummers aangehouden. Voor de regulatie van de saldi van deze rekeningen is het meest praktisch om deze rekeningen bij één bank aan te houden. Daarmee worden ook kosten van het overboeken naar verschillende banken vermeden.
Saldo- en liquiditeitenbeheerDit betreft het dagelijks bijhouden van de saldi van de diverse bankrekeningen. Voor de berekening van de rente worden de saldo’s van de rekeningen bij elkaar opgeteld. Dit beperkt de noodzaak tot overboekingen.
Administratieve organisatie en interne beheersingBij de treasury zijn meerdere personen en organen betrokken. Het statuut legt het delegatie- en mandateringspatroon vast en/of stelt welke personen en organen welke bevoegdheden hebben. Er zijn specifieke uitgangspunten opgenomen, gelet op de omvang en de aard van de transacties en de daarmee samenhangende risico’s. Ook krijgen we daardoor een eenduidige functiescheiding tussen beleidsbepaling en de uitvoering.
Verantwoordelijkheden & bevoegdheden
In deze artikelen zijn de verantwoordelijkheden en de bevoegdheden beschreven. De eindverantwoordelijkheid ligt bij het bestuur van de gemeente. Een deel van deze bevoegdheden zijn uit praktische overwegingen neergelegd bij het ambtelijk apparaat. Daardoor kan ook slagvaardiger opgetreden worden. Bij de toekenning van de bevoegdheden is uitdrukkelijk gekeken naar functiescheiding tussen besluitvorming, uitvoering, administratie en controle.
InwerkingtredingDit statuut treedt in werking met ingang van 1 juli 2015. Daarmee vervalt het in de vergadering van 26 april 2011 vastgestelde statuut.
► Klik hier om dit bericht bij de officiële instantie te lezen.
Laatste 5 bekendmakingen in de gemeente Koggenland:
Disclamer: De informatie op deze pagina wordt geleverd door het open data project van de Nederlandse overheid. Het doel van dit project is om zoveel mogelijk publieke informatie te ontsluiten. Drimble is afhankelijk voor de correctheid van deze informatie van derde partijen. De informatie op deze pagina kan daarom gedateerd of inmiddels ongeldig zijn. Raadpleeg daarom altijd de lokale overheidsinstantie bij toepassing van de gegevens.
Tijdlijn