Wmo besluit 2025 (Gemeente Zoetermeer)
Verordeningen en reglementen gepubliceerd door de Gemeente Zoetermeer op 27 december 2024
Algemene gegevens:
| Onderwerp: | Wmo besluit 2025 (Gemeente Zoetermeer) |
| Instantie: | Gemeente Zoetermeer |
| Regio: | Regio Zoetermeer |
| Uitgegeven: | 27 december 2024 |
| Code: | gmb-2024-544840 |
Juridische gegevens
| Type: | Verordeningen en reglementen |
Inhoud Verordeningen en reglementen:
Bron: GEMEENTEBLAD | Officiële uitgave van de gemeente Zoetermeer
Wmo besluit Zoetermeer 2025
In dit Besluit wordt verstaan onder:Alle begrippen die in dit Besluit worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet, de Verordening, het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en de Algemene Wet bestuursrecht (Awb).
3.De indexeringspercentages voor 2025 zijn:
- BIJZONDERE BEPALINGEN
Artikel 2.1
Afschrijvingsperioden1.
Onverminderd de toepassing van artikel 7.3 achtste lid onder g van de verordening worden de volgende afschrijvingsperioden gehanteerd:
De economische afschrijving van alle voorzieningen, niet zijnde diensten, is 8 jaar. Vanaf 1 maart 2021 is de afschrijvingstermijn van Wmo-hulpmiddelen 7 jaar.
Artikel 2.2
Regiotaxi1.
Het recht op het gebruik van de Regiotaxi tegen gereduceerd tarief is maximaal 2400 kilometers per jaar.
2.In afwijking van het gestelde in het vorige lid wordt het recht op gebruik van de Regiotaxi tegen gereduceerd tarief gesteld op:
Artikel 2.3
Ritbijdrage gebruik Regiotaxi1.
Voor gebruik van de Regiotaxi is de cliënt per verreden kilometer een ritbijdrage verschuldigd van € 0,193
2.De in het vorige lid bedoelde ritbijdrage is van toepassing op het toegekende maximumaantal kilometers per jaar, zoals genoemd in artikel 2.2 eerste en tweede lid van dit Besluit. Bij gebruik van meer dan het aantal toegekende kilometers, komen de kosten voor het gebruik geheel voor eigen rekening.
Artikel 2.4
Stalling van scootmobielen
De aanpassingskosten voor het creëren van een geschikte stallingsplaats voor een scootmobiel bedragen maximaal €2.500,-.
HOOFDSTUK 3RECHT EN VERPLICHTINGEN MAATWERKVOORZIENING ALS PERSOONSGEBONDEN BUDGET
Artikel 3.1.
Verstrekking op verzoek1.
Verstrekking van een persoonsgebonden budget vindt plaats op verzoek van de cliënt.
2.De cliënt is verplicht desgevraagd inlichtingen te verstrekken over de met het persoonsgebonden budget aan te schaffen dan wel in te kopen maatwerkvoorziening.
Artikel 3.2
Weigering van een persoonsgebonden budget
Naast de mogelijkheden genoemd in artikel 2.3.6 vijfde lid van de wet bestaat geen recht op een persoonsgebonden budget indien en zolang een risico bestaat dat beslag kan worden gelegd op het persoonsgebonden budget.
Artikel 3.3
Algemene verplichtingen persoonsgebonden budget1.
De cliënt dient het persoonsgebonden budget binnen zes maanden na toekenning te besteden aan een maatwerk-voorziening waar het persoonsgebonden budget mede gelet op het te bereiken resultaat voor is toegekend.
2.Ingeval het persoonsgebonden budget wordt besteed aan een maatwerkvoorziening als bedoeld in hoofdstuk 6 van de verordening, is het de cliënt toegestaan het persoonsgebonden budget variabel te besteden binnen een door het college te bepalen bandbreedte, mits binnen de periode als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 3.4
Persoonsgebonden budget voor hulpmiddelen en aanpassingen1.
Indien een met een persoonsgebonden budget aangeschaft hulpmiddel binnen de looptijd waarover het persoonsgebonden budget is verstrekt, niet langer wordt gebruikt, of het recht op het persoonsgebonden budget anderszins is komen te vervallen, dient dit direct aan het College te worden gemeld.
2.Het bedrag van het persoonsgebonden budget dient in situaties als bedoeld in het vorige lid naar rato aan de gemeente Zoetermeer worden terugbetaald.
3.In afwijking van het vorige lid kan alleen op verzoek van het College het met het persoonsgebonden budget aangeschafte maatwerkvoorziening ook in eigendom worden overgedragen aan de gemeente Zoetermeer.
4.Bij de verstrekking van een persoonsgebonden budget voor een maatwerkvoorziening kunnen, voor zover van toepassing in de individuele situatie, de volgende voorwaarden worden opgelegd:
De cliënt aan wie een persoonsgebonden budget is verstrekt voor het realiseren van een woningaanpassing aan de eigen woning is verplicht zorg te dragen voor een opstalverzekering die in voldoende mate de te verzekeren waarde van de woning dan wel de getroffen woningaanpassing dekt voor het risico van schade.
6.Het persoonsgebonden budget wordt geacht in ieder geval toereikend te zijn, voor zover van toepassing, voor de normale afschrijvingstermijn die geldt voor de met het persoonsgebonden budget aan te schaffen hulpmiddelen of te realiseren aanpassingen.
Art. 3.5
Persoonsgebonden budget voor diensten
Aan de verstrekking van een persoonsgebonden budget voor diensten kunnen, voor zover van toepassing in de individuele situatie, de volgende voorwaarden worden verbonden:
HOOGTE PERSOONSGEBONDEN BUDGET DIENSTEN, KORTDUREND VERBLIJF EN DAGBESTE-DING
Artikel 4.1
differentiatie tarieven1.
De hoogte van het persoonsgebonden budget voor de maatwerkvoorzieningen als bedoeld in hoofdstuk 6 van de verordening is afhankelijk van de gedifferentieerde tarieven en de kwaliteitseisen, waaronder begrepen de eisen die mogen worden gesteld aan de door het college gecontracteerde aanbieders
2.De hoogte van het persoonsgebonden budget voor diensten geleverd:
Artikel 4.2
hoogte van het budget
Uit artikel 4.1 kunnen de volgende tarieven worden afgeleid per 1 januari 2025
De tarieven zijn per uur tenzij anders vermeld
Begeleiding en dagbesteding
100%
85%
50%
a
individuele begeleiding acute probleemsituatie
€ 90,98
€ 77,33
€ 45,49
b
Individuele begeleiding behouden
€ 72,52
€ 61,64
€ 36.26
c
Individuele begeleiding leren/ontwikkelen
€ 79,77
€ 67,80
€ 39,89
d
Dagbesteding behouden
€ 57,35 per dagdeel
€ 48,75
nvt
e
Dagbesteding leren/ ontwikkelen
€ 69,88 per dagdeel
€ 59,40
nvt
f
Groepstraining
€ 60,65 per stuk (sessie)
nvt
nvt
g
Bereik- en beschikbaarheidsdienst
€ 14,50 per week
nvt
nvt
h
waakvlamcontact
€ 67,90
€ 57,72
€ 33,95
i
Kortdurend verblijf
€ 190,09 per etmaal
€ 161.58
€ 95,05
Vervoer naar dagbesteding
afstand
0-5 km
6-10 km
11-20 km
j
Vervoer regulier
€ 15,52
€ 15,52
€ 25,51
k
Vervoer rolstoel
€ 21,55
€ 29,47
€ 40,66
Huishoudelijke hulp
100%
85%
Informele hulp
l
Huishoudelijke hulp categorie 1
€ 37,66
€ 32,00
€ 21,57
m
Huishoudelijke hulp categorie 2
+ kindzorg
€ 37,66
€ 32,00
€ 21,57
n
Huishoudelijke hulp categorie 3
€ 41,75
€ 35,49
€ 21,57
o
Maaltijdvoorziening
€ 53,89
€ 45,81
€ 21,57
Artikel 4.3
hoogte van het budget voor beschermd wonen
Voor de hoogte van het persoonsgebonden budget voor beschermd wonen sluit Zoetermeer aan bij de regionale tarieven, vastgesteld door centrumgemeente Den Haag.
HOOFDSTUK 5VERPLICHTINGEN MAATWERKVOORZIENING IN NATURA
Artikel 5.1
Bruikleen of in eigendom
Bij de verstrekking van een maatwerkvoorziening in bruikleen of in eigendom kunnen, voor zover van toepassing in de individuele situatie, de volgende voorwaarden worden opgelegd:
TEGEMOETKOMING MEERKOSTEN
Artikel 6.1
Toepassing primaat verhuizing1.
Het bedrag waarboven toepassing van het primaat van de verhuizing, zoals bedoeld in artikel 7.3 tweede lid van de verordening kan worden toegepast bedraagt bij huurwoningen € 5.000,-.
2.Het bedrag waarboven toepassing van het primaat van de verhuizing, zoals bedoeld in artikel 7.3 tweede lid van de verordening kan worden toegepast bedraagt bij koopwoningen € 12.500,-
Artikel 6.2
Hoogte tegemoetkoming meerkosten1.
De hoogte van de tegemoetkomingen zijn gebaseerd op de geïndexeerde bedragen van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Zoetermeer 2013.
2.De hoogte van de tegemoetkoming voor:
Het college kan de hoogte van de tegemoetkoming in het tweede lid onder d, f of g afstemmen op de samenvallende vervoersbehoeften van de echtgenoten of daarmee gelijkgestelden.
4.Indien beide echtgenoten of daarmee gelijkgestelden in aanmerking komen voor een tegemoetkoming meerkosten zoals genoemd in het tweede lid onder d, f of g dan kan,
Indien de cliënt beschikt over een scootmobiel of andere vervoersvoorziening, wordt de tegemoetkoming vastgesteld op 1/3 van het totale bedrag.
6.Het college kan in individuele gevallen afwijken van de bedragen genoemd in het tweede lid onder d tot en met g indien de vervoersbehoefte als bedoeld in artikel 6.1 van dit Besluit daartoe aanleiding geeft.
Artikel 6.3
Uitbetaling tegemoetkoming1.
De tegemoetkomingen als bedoeld in artikel 6.2 tweede lid onder a en b van dit Besluit worden uitbetaald nadat het college heeft vastgesteld dat de persoon aan wie de tegemoetkoming is toegekend binnen twee jaar na toekenning is verhuisd naar de voor hem meest geschikte beschikbare woning.
2.De tegemoetkoming als bedoeld in artikel 6.2 tweede lid onder c van dit Besluit wordt uitbetaald op basis van een door het college goedgekeurde offerte of op basis van nota’s.
3.De tegemoetkomingen als bedoeld in artikel 6.2 tweede lid onder d en e van dit Besluit worden uitbetaald nadat het college de aanvraag om de tegemoetkoming heeft toegekend.
4.De tegemoetkomingen als bedoeld in artikel 6.2 tweede lid onder f en g van dit Besluit worden uitbetaald op basis van declaratie.
5.De tegemoetkomingen als bedoeld in artikel 6.2 tweede lid onder h van dit Besluit worden uitbetaald op basis van een door het college goedgekeurde offerte of op basis van nota’s.
HOOFDSTUK 7EIGEN BIJDRAGE ALGEMENE VOORZIENING DAGBESTEDING EN MAATWERKVOORZIENIN-GEN
Artikel 7.1
Hoogte, duur en start eigen bijdrage en waarde voorziening1.
De cliënt is een eigen bijdrage verschuldigd zo lang hij gebruik maakt van de voorziening, of tot de volledige kost-prijs van de voorziening door de cliënt is betaald.
2.Voor de hoogte van de bijdrage, bedoeld in het eerste lid, worden de landelijke richtlijnen hiervoor gevolgd. Per 1 januari 2025 is dit € 21 per maand.
3.De eigen bijdrage is verschuldigd vanaf de maand volgend op de datum waarop het college de voorziening heeft toegekend (=datum toekenningsbeschikking).
4.De eigen bijdrage kan tijdelijk worden gepauzeerd als de client door overmacht minimaal 1 maand geen gebruik maakt van de voorziening. De eigen bijdrage kan maximaal 6 maanden worden gepauzeerd.
5.Met inachtneming van het bepaalde in het tweede lid is de eigen bijdrage voor hulpmiddelen, woon- en vervoers-voorzieningen verschuldigd over de aanschaf- of de restwaarde van de maatwerkvoorziening inclusief - indien van toepassing - de kosten voor onderhoud, keuring, verzekering en de kosten van de aanpassing(en).
HOOFDSTUK 8BLIJK VAN WAARDERING MANTELZORGERS
De hoogte van de jaarlijkse blijk van waardering voor mantelzorgers in de vorm van een financiële tegemoetkoming bedraagt € 200,-
HOOFDSTUK 9SLOTBEPALINGEN
Artikel 9
Citeertitel en inwerkingtreding 1.
Dit besluit wordt aangehaald als Wmo besluit 2025
2.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2025 onder gelijktijdige intrekking van het Wmo Besluit Zoetermeer 2024
► Klik hier om dit bericht bij de officiële instantie te lezen.
Laatste 5 bekendmakingen in de gemeente Zoetermeer:
Disclamer: De informatie op deze pagina wordt geleverd door het open data project van de Nederlandse overheid. Het doel van dit project is om zoveel mogelijk publieke informatie te ontsluiten. Drimble is afhankelijk voor de correctheid van deze informatie van derde partijen. De informatie op deze pagina kan daarom gedateerd of inmiddels ongeldig zijn. Raadpleeg daarom altijd de lokale overheidsinstantie bij toepassing van de gegevens.
Tijdlijn