CAR-UWO (Gemeente Maassluis)

Verordeningen en reglementen gepubliceerd door de Gemeente Maassluis op 23 januari 2019

informatie alleen over gemeente maassluis

Inhoud Verordeningen en reglementen:

Bron: GEMEENTEBLAD | Officiële uitgave van de gemeente Maassluis


Wijziging arbeidsvoorwaardenregeling 280818, gemeente Maassluis

Registratienummer: 2018 P&O 3142

Het college van B en W en de werkgeverscommissie van de gemeenteraad besluiten om de arbeidsvoorwaardenregeling van de gemeente Maassluis, de CAR-UWO, overeenkomstig de wijzigingen die voortvloeien uit de in het advies genoemde circulaires van het LOGA van 29 mei 2018, 24 juli 2018 en 26 juli 2018 aan te passen aan de landelijk overeengekomen wijzigingen. Deze wijzigingen vast te stellen per datum van besluit en in werking te laten treden met ingang van de in het advies genoemde data. Het genomen besluit bekend te maken.

Onderdeel A: Wijzigingen behorende bij de circulaire TAZ/U201800181

Wijzigingen in de CAR-UWO als gevolg van de LOGA-circulaire van 29 mei 2018 (kenmerk TAZ/U201800181) per 1 juli 2018.

  • A. Artikel 1:2 sub c wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • de onbezoldigd ambtenaar van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand;

  • B. In artikel 10d:26 lid 2 en lid 3 worden de woorden ‘salaris en de toegekende salaristoelage(n)’ vervangen door: ‘grondslag’.

  • C. In artikel 10d:31 lid 1 worden de woorden ‘WW-uitkering’ vervangen door: ‘werkloosheidsuitkering’.

  • Onderdeel B: Wijzigingen behorende bij de circulaire TAZ/U201800473

    Wijzigingen in de CAR-UWO als gevolg van de LOGA-circulaire van 24 juli 2018 (kenmerk TAZ/U201800473) per 1 oktober 2018.

  • A. Aan artikel 1:1 lid 1 wordt na onderdeel ww een nieuw onderdeel toegevoegd:

  • payroll werkgever / werknemer: de werkgever, die op basis van een overeenkomst met een gemeente, welke niet tot stand is gekomen in het kader van het samenbrengen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, een werknemer ter beschikking stelt om in opdracht en onder toezicht en leiding van de gemeente arbeid te verrichten, waarbij de werkgever die de werknemer ter beschikking stelt alleen met toestemming van die gemeente gerechtigd is de werknemer aan een ander ter beschikking te stellen.

  • B. Aan artikel 1:1 lid 1 wordt na onderdeel xx een nieuw onderdeel toegevoegd:

  • inlenersbeloning: de wettelijk verplichte beloningselementen benoemd in de cao van de payroll werkgever, die van toepassing is op de arbeidsovereenkomst met een payroll werknemer en corresponderen met de beloningselementen in de CAR-UWO van een ambtenaar in dienst van de gemeente werkzaam in een gelijke of gelijkwaardige functie.

  • C. Artikel 3:2a wordt toegevoegd en komt te luiden:

  • Artikel 3:2a Inleenvoorschrift gelijke beloning payrolling

  • 1. Het college spreekt schriftelijk met de payroll werkgever af dat de totale beloning van de payrollwerknemer vanaf de eerste werkdag van de ter beschikkingstelling bij de gemeente vergelijkbaar is met de totale beloning van de ambtenaar, die een gelijke of gelijkwaardige functie vervult onder dezelfde of vergelijkbare omstandigheden.

  • 2. De totale beloning wordt bij de ter beschikkingstelling van de payroll werknemer vastgesteld. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder de totale beloning naast de wettelijk verplichte loonbestanddelen in de inlenersbeloning, in ieder geval verstaan:

  • a. de beloningselementen van het IKB bedoeld in artikel 3:28 lid 2 onderdeel b en 3:28 lid 2 onderdeel c; en

  • b. de werkgeverspremie ouderdomspensioen (OP) / nabestaandenpensioen (NP) en arbeidsongeschiktheidspensioen (AAOP) van het ABP.

  • 3. Als de gelijke of gelijkwaardige beloningselementen niet volledig onderdeel uitmaken van de totale beloning aan de payroll werknemer die een gelijke of gelijkwaardige functie vervult, dan spreekt het college schriftelijk met de payroll werkgever af dat de payroll werknemer een toelage ter compensatie ontvangt.

  • 4. De toelage ter compensatie van de beloningselementen wordt uitgedrukt in een percentage van het salaris van de payroll werknemer en is niet pensioengevend. De toelage is gelijk aan het verschil tussen:

  • a. de hoogte van gelijke of gelijkwaardige beloningselementen in lid 2 onderdeel a die de payrollwerknemer per maand opbouwt of ontvangt, en

  • b. de hoogte van de beloningselementen in lid 2 onderdeel a die een ambtenaar per maand opbouwt of ontvangt.

  • 5. Als de payroll werknemer geen deelnemer is bij het ABP, dan spreekt het college schriftelijk met de payroll werkgever af dat de payroll werknemer vanaf de eerste werkdag pensioen opbouw volgens de Plus-regeling bij de STIPP vermeerderd met een toelage. De toelage ter compensatie van het verschil in pensioenopbouw met het ABP bedraagt 7% van het salaris. De hoogte van de toelage kan jaarlijks worden bijgesteld.

  • 6. Het college verstrekt de payroll werkgever schriftelijk alle informatie en middelen, waaronder de Matrix flexibiliteit en zekerheid, die nodig zijn om de totale beloning en eventuele toelage correct vast te stellen. De payroll werkgever informeert vervolgens bij aanvang van de terbeschikkingstelling de payroll werknemer schriftelijk als de payroll werknemer een toelage krijgt uitbetaald. Het college vergewist dan bij de payroll werkgever of de payroll werknemer de correcte toelage ontvangt.

  • Onderdeel C: Wijzigingen behorende bij de circulaire TAZ/U201800624

    Wijzigingen in de CAR-UWO als gevolg van de LOGA-circulaire van 26 juli 22018 (kenmerk TAZ/U201800624) per 1 januari 2018.

  • A. Artikel 9b:22a, tweede lid, wordt vervangen door

  • 2 De leeftijdsafhankelijke factor bedraagt

    leeftijd

    factor

    leeftijd

    factor

    leeftijd

    ffactor

    18

    0.305

    33

    0,474

    48

    0,739

    19

    0.314

    34

    0,489

    49

    0,761

    20

    0.323

    35

    0,503

    50

    0,784

    21

    0.333

    36

    0,518

    51

    0,808

    22

    0.343

    37

    0,534

    52

    0,832

    23

    0.353

    38

    0,550

    53

    0,857

    24

    0.364

    39

    0,566

    54

    0,883

    25

    0.375

    40

    0,583

    55

    0,909

    26

    0.386

    41

    0,601

    56

    0,936

    27

    0.397

    42

    0,619

    57

    0,964

    28

    0.409

    43

    0,638

    58

    0,993

    29

    0.422

    44

    0,657

    59

    1,023

    30

    0.434

    45

    0,676

    60

    1,054

    31

    0.447

    46

    0,697

    61

    1,085

    32

    0,461

    47

    0,718

    62

    1,118

    In de toelichting wordt de passage 'Stel dat op leeftijd.... € 10.000 is.' vervangen door 'Stel dat op de leeftijd van 62 jaar een bedrag gegenereerd moet zijn van € 10.000 (fictief bedrag). Om dit te bereiken moet, bij de rendementen die ABP verwacht op de leeftijd van 53 jaar een bedrag van € 8.570 gestort worden (€ 10.000 x 0,857). Als er op een later moment dan op 53-jarige leeftijd wordt gestort, dan wordt het te storten bedrag ieder jaar hoger.'

  • B. Artikel 9b:45a, tweede lid, wordt vervangen door

  • 2 De leeftijdsafhankelijke factor bedraagt

    leeftijd

    factor

    leeftijd

    factor

    leeftijd

    ffactor

    18

    0.305

    33

    0,474

    48

    0,739

    19

    0.314

    34

    0,489

    49

    0,761

    20

    0.323

    35

    0,503

    50

    0,784

    21

    0.333

    36

    0,518

    51

    0,808

    22

    0.343

    37

    0,534

    52

    0,832

    23

    0.353

    38

    0,550

    53

    0,857

    24

    0.364

    39

    0,566

    54

    0,883

    25

    0.375

    40

    0,583

    55

    0,909

    26

    0.386

    41

    0,601

    56

    0,936

    27

    0.397

    42

    0,619

    57

    0,964

    28

    0.409

    43

    0,638

    58

    0,993

    29

    0.422

    44

    0,657

    59

    1,023

    30

    0.434

    45

    0,676

    60

    1,054

    31

    0.447

    46

    0,697

    61

    1,085

    32

    0,461

    47

    0,718

    62

    1,118

    In de toelichting wordt de passage `Stel dat op leeftijd.... 10.000 is.' vervangen door 'Stel dat

    op de leeftijd van 62 jaar een bedrag gegenereerd moet zijn van 10.000 (fictief bedrag). Om dit te bereiken moet, bij de rendementen die ABP verwacht op de leeftijd van 53 jaar een bedrag van E 8.570 gestort worden (E 10.000 x 0,857). Als er op een later moment dan op 53-jarige wordt gestort, dan wordt het te storten bedrag ieder jaar hoger.'


    ► Klik hier om dit bericht bij de officiële instantie te lezen.


    Laatste 5 bekendmakingen in de gemeente Maassluis:

    DatumBetreftOnderwerp
    01-10-2026MaassluisToestemming voor het dichtbouwen van het balkon aan Tooroplaan 1 te Maassluis

    01-10-2026MaassluisAanvraag vergunning voor het plaatsen van een dubbele nokverhoging aan Govert Flinckplein 12 te Maassluis

    01-10-2026MaassluisAanvraag vergunning voor het aanleggen van een zwembad aan Kerkplein 33 te Maassluis

    01-10-2026MaassluisToestemming voor het bouwen van een dakopbouw aan Jan Steenstraat 30 te Maassluis

    01-10-2026MaassluisToestemming voor een weigering van de wijziging van de exploitatievergunning voor cafe Pulp te Maassluis

      Disclamer: De informatie op deze pagina wordt geleverd door het open data project van de Nederlandse overheid. Het doel van dit project is om zoveel mogelijk publieke informatie te ontsluiten. Drimble is afhankelijk voor de correctheid van deze informatie van derde partijen. De informatie op deze pagina kan daarom gedateerd of inmiddels ongeldig zijn. Raadpleeg daarom altijd de lokale overheidsinstantie bij toepassing van de gegevens.

        Dagelijkse Nieuwsbrief

        Mis geen enkel belangrijk nieuwsbericht

        Ontvan elke ochtend het belangrijkste nieuws uit jouw regio en heel Nederland. Gratis en dagelijks in je inbox.

        Door je aan te melden ga je akkoord met onze privacyverklaring. Je kunt je altijd uitschrijven.

        Slim investeren in de toekomst van AI?

        Ontdek de mogelijkheden van AI-gedreven beleggingen. Tot 9,5% rente op obligaties.

        Meer informatie →